Complicaties Ziekte van Pfeiffer

Complicaties bij de ziekte van Pfeiffer

Als er een antibioticakuur gegeven wordt, kan de infectie gepaard gaan met een karakteristieke jeukende uitslag op de huid. Voor de goede orde: antibiotica helpt niet bij deze virusinfectie!

Bij een gezwollen lever treden vaak leverfunctiestoornissen op. Hierdoor kunnen pijn in de buik, misselijkheid, braken en een geelverkleuring van het oogwit en de huid optreden. Zolang de leverfuncties gestoord zijn is het verstandig om lichamelijke activiteit te vermijden. Thuis blijven, of zelfs in bed blijven, is dan het advies! Vaak gaan de vermoeidheidsklachten gelijk op met het verloop van de leverfunctiestoornissen. Aan de hand van het verloop van de leverfunctiestoornissen wordt een advies gegeven over het hervatten van sport of werk.

De vermoeidheid verdwijnt in de regel in de loop van enkele weken. Soms echter duren de vermoeidheidsklachten vele maanden tot een jaar, zonder dat daarvoor een reden is aan te geven. Ook kunnen de vermoeidheidsklachten na verloop van tijd weer terugkomen, zelfs zonder dat daar een duidelijke reden voor aan te geven is. Er is geen verband aangetoond tussen de ziekte van Pfeiffer en het ontstaan van een chronisch vermoeidheidssyndroom.

Een gezwollen milt kan bij een hoge druk in de buikholte scheuren, waardoor een levensgevaarlijke bloeding kan ontstaan. Deze complicatie kan bijvoorbeeld optreden door zwaar tillen of door een stomp in de buik, maar is gelukkig zeldzaam. Als de milt scheurt, is het vaak noodzakelijk om deze acuut operatief te verwijderen.

Zelden treden andere complicaties op zoals hoesten, een longontsteking, een hersenvliesontsteking of een andere neurologische aandoening, buikpijn en/of diarree, gewrichtsontsteking, bloedarmoede en een hartspierontsteking. In deze gevallen kan het geven van corticosteroïden (ontstekingsremmers) overwogen worden.




Laboratoriumonderzoek en de ziekte van Pfeiffer

De diagnose kan worden gesteld door bestudering van een bloeddruppel onder de microscoop. De witte bloedcellen (lymfocyten en monocyten) gaan het beeld overheersen. Deze witte bloedcellen zijn in het geval van de ziekte van Pfeiffer vaak abnormaal van grootte, vorm en kleur. In de loop van een ½ jaar verdwijnen deze cellen uit het bloed. Daarnaast kunnen antistoffen tegen het Epstein-Bar virus worden aangetoond met de reactie van Paul-Bunnel of de Monosticon-bepaling. Als de concentratie (titer) van de antistoffen afneemt, is de infectie over zijn hoogtepunt heen. Het heeft dan geen zin om de titer verder te blijven vervolgen, ook niet als de vermoeidheidsklachten weer toenemen. Zoals al geschreven, zijn bij veel patiënten de leverfuncties (licht) gestoord. Pas als de leverfuncties weer normaal zijn, wordt het advies tot sport- en werkhervatting gegeven.

Rate this post

Click Here to Leave a Comment Below 0 comments

Leave a Reply: